Ik wist het ook niet, maar blijkbaar organiseren anarchistische folkliefhebbers ieder jaar een festival ergens in Europa. Dit jaar streken ze neer op het gekraakte voormalige ziekenhuisterrein in Wageningen, en ik moet zeggen, ik viel met de neus in de boter. Een feest van herkenning, ontdekking, en interessante observaties.
Ooit, toen ik als jonge twintiger graag opstandig wilde zijn maar eigenlijk te braaf was, kwam ik zo nu en dan in een kraakkroeg in Leiden. Af en toe speelde er een punkbandje, maar vaak ook folkbandjes uit de Engelse en Schotse kraakscene. Ik jamde ook af en toe op een aftandse mandoline met Maarten, een bewoner van het kraakpand die net als ik van The Pogues hield. Na mijn verhuizing naar Wageningen ben ik het contact met die lui verloren, maar ik heb daar ook het nodige ontdekt in Café De Overkant, een kollektief kaffee waar veel Wageningse krakers kwamen. Ook dat is nu allemaal verdwenen, maar wat me wel bijbleef was dat in die kraakscene de folkbands meestal een stuk interessanter en origineler waren dan de punk.
Toen ik meer informatie over het Anarcha Folk Fest zocht was ik blij verrast: voorgaande edities hadden Ye Vagabonds op het programma! Sangre De Muerdago, die ik nog op Roadburn heb gezien! En zowaar Lynched – de voorloper van Lankum! Ook het programma van dit jaar stelde niet teleur. Niet alleen obligate folkpunk, maar ook acts die wisten te verrassen met een eigen interpretatie van bestaande tradities. Sage Against The Machine tikte als genderfluïde queer singer-songwriter van kleur niet alleen alle intersectionele vakjes af maar maakte muzikaal diepe indruk door kwetsbaarheid en strijdbaarheid met elkaar te verbinden. Morti Jaleo mag met haar opstandige flamenco gerust een waardige opvolger van Ojos de Brujo heten. Angry Zeta zette de tent op stelten met hun uitbundige bluegrass-punk. Maar de diepste indruk maakte de eenling Flōd, wiens meditatieve, donkere liedjes aan The Devil’s Trade deden denken. Gast, stuur je demo naar 013!
Bij het woord “anarchistisch” denken veel mensen aan een chaos waar niemand zich door enige regels laat beperken. Maar al van oudsher hebben anarchisten zich georganiseerd, in allerhande vakbonden, de Parijse Commune, en arbeiderscollectieven in de Spaanse Burgeroorlog. Ook dit festival was nooit van de grond gekomen zonder organisatie, dat wil zeggen, zonder overleg, afspraken, en verantwoordelijkheden. Wat vooral opviel was de grote mate aan sociaal kapitaal: het vertrouwen om een bezoeker een paar uurtjes de bar te laten bedienen, en de bereidwilligheid van bezoekers om met een beetje werk aan het festival bij te dragen. Elinor Ostrom had er een dankbaar onderzoeksobject aan gehad.
Het festival is een levend bewijs dat folk de meest anarchistische vorm van rock ‘n roll is, en wederom niet in de zin van chaos. Hoe laagdrempelig kan het zijn, als je met eenvoudige akoestische instrumenten een feestje kunt bouwen?