Wolf

Er was een tijd dat de natuur iets was waar je vooral zo ver mogelijk vandaan moest blijven. De beschaving gaf ons vruchtbare landbouwgrond, machines om die grond te bewerken, een gezag om lijf en goed te beschermen, en een zorgeloze nachtrust achter hoge stadsmuren. Natuur was daarbuiten: daar zaten de struikrovers en de roofdieren.

Tegenwoordig is die bedreigende natuur meer een soort huisdier geworden: we hebben haar getemd door er een hek omheen te zetten en een beleid te formuleren dat precies uiteen zet tot hoever de natuur mag komen. De roofdieren zijn geen bedreiging meer; ze zijn een bron van verwondering geworden, iets dat we juist opzoeken om later te kunnen vertellen dat we ze in het echt hebben gezien. Hun aanwezigheid is een geruststelling dat de beschaving nog niet alles onomkeerbaar heeft verwoest.

De wolf is daar natuurlijk een voorbeeld van. Ik geloof niet dat we in Nederland een traan lieten om de laatste wolf die uit Nederland verdween. We waren vooral blij dat onze schapen veilig waren. En niet alleen onze schapen; ik weet niet of er echt gedocumenteerde gevallen zijn van kinderen of grootmoeders die door wolven zijn gegrepen, maar het bestaan van sprookjes waarin dit gebeurt zegt op zich genoeg over de perceptie dat zulke slachtoffers konden vallen.

En in zijn afwezigheid is de wolf getransformeerd van een bedreiging die we buiten de deur moesten houden tot een symbool van een ongerepte natuur die we in onze ijver om zeep hebben geholpen. Net als de zalm in de Rijn is de wolf een dier wiens terugkeer een kroon is op het aflossen van onze ecologische schulden.

Met de terugkeer van de wolf zijn ook de conflicten terug, maar na die transformatie van de wolf van bedreiger naar verlosser tekent het conflict zich niet alleen maar tussen de beschaving en de natuur af. Het splijt ook de samenleving zelf, tussen natuurliefhebbers en veehouders: tussen hen die instemmend knikken bij het goede nieuws op Vroege Vogels, en hen die daar wonen waar de wolf op hun schapen jaagt.

Natuur in Nederland is beheerde natuur. Het laatste oerbos is ergens in de negentiende eeuw gekapt. De Hoge Veluwe, op land ons belangrijkste natuurgebied, is ontstaan door een combinatie van bodemuitputting en een koninklijke familie met een hobby. Dat maakt die natuur niet minder waardevol, maar het maakt wel van die tegenstelling tussen natuur en beschaving een schijntegenstelling. In Nederland is natuur wat we natuur maken. En zoals je een plaag of een schimmeluitbraak op je akker ook niet altijd ziet aankomen, zo doet die natuur soms ook dingen die je niet had voorzien. Het verschil is dat die onvoorspelbaarheid de natuur juist waardevoller maakt, maar dat ontslaat ons niet van de plicht om die beheerde natuur zo nu en dan te beheren. Wij mensen besluiten in Nederland wat voor natuur we willen, en dat zullen we met de wolf ook moeten doen.

Eén gedachte over “Wolf”

Plaats een reactie